Tot voor kort was voor èchte verduurzaming van bestaand vastgoed, waaronder monumenten, geen goede methode: meer isolatie of een slimmere CV-ketel volstaat niet. Financieel, bouwkundig, bouwfysisch of esthetisch: er waren altijd bezwaren en onmogelijkheden. Met laag temperatuur en met WarmBouwen kan de weg naar NUL worden genomen.

De energietransitie: verduurzaming

Overstappen op hernieuwbare energie betekent dat ook bestaand vastgoed en monumenten fossielvrij gebruikt moeten kunnen worden. In nieuwbouw zijn daarvoor tal van oplossingen maar in bestaande bouw, zeker in monumenten levert dit problemen op.
Warmte gaat verloren door transmissie (door gevel, vloer en dak) en door ventilatie. Om het comfort en de bruikbaarheid op lange termijn te borgen moeten deze allebei worden gereduceerd.

WarmBouwen: robuust, fossielvrij en duurzaam

Warmbouwen biedt een gezond, betaalbaar binnenklimaat. Betaalbaar voor gebruiker en eigenaar. Bouwfysisch in orde en robuust, fossielvrij en duurzaam.

Het gaat uit van het op temperatuur brengen en houden van de buitenschil middels rijkelijk beschikbare, gratis én fossielvrije energie. De koudebrug is daarmee opgelost en bouwfysische gevaren vervallen, evenals de noodzaak om aan de buitenzijde te isoleren. Het is slechts enkele centimeters dik, kan aan de binnenkant, de buitenkant of zelfs in de spouw toegepast worden.
Omdat WarmBouwen niet allerlei kier-, lucht- en damdichtingen vereist is het veilig en eenvoudig. Daardoor zijn de bouwkosten niet hoger dan bij conventionele verbeteringen.

Problematiek

Betaalbare, kleine stapjes in duurzaamheid en energiezuinigheid zijn makkelijk gezet, denk aan een efficiënte CV-ketel, dubbel glas, tochtstrips. En dan? Dan worden de ingrepen groter, ingrijpender en duurder.

Isolatie aan de binnenzijde is gevaarlijk: condensatie in de constructie leidt tot kostbare schade. Aan het gebouw door rotting van hout, roest van staal en aan het binnenklimaat door schimmels. Het is daarmee ook schadelijk voor de gezondheid van de gebruikers. Die condensatie is te voorkomen met een goede dampdichting. Maar in de praktijk is dat niet of nauwelijks te realiseren en, zeker zo belangrijk, te onderhouden.
Het ventilatieverlies kan worden beperkt met bijvoorbeeld gebalanceerde ventilatie. Dat is met toe- en afvoerkanalen, zeker in monumenten en bestaand vastgoed, lang niet altijd het ei van Columbus. Al die kanalen moeten immers in de plafonds worden verwerkt. Het vereist bobvendien volledige kierdichting van het gebouw.
Een zonneboiler op het dak en PV-cellen verhogen niet het comfort, maar drukken wel de CO2-uitstoot. En helpen het energielabel te verbeteren. Voor de eigenaar ook van belang. Maar ook lang niet altijd mogelijk.
Hoe kan dan de stap naar nul worden gezet? De ze stap is te vinden in de omschakeling naar lage, of liever, zéér lage temperatuur.

Lage Temperatuur

Gas verbranden levert zeer hoogwaardige warmte: de verbrandingsgassen zijn honderden graden Celsius. Met die hele hete lucht wordt water verwarmd tot 70ºC of meer om de woning op 21ºC te brengen. Dat klinkt niet efficiënt, en is het ook niet.

Veel bestaande verwarmingssystemen zijn gebaseerd op convectiewarmte: warme lucht. Dan is een ruimte pas bij hogere temperaturen comfortabel. Bij convectiewarmte is de ruimte warm, de muren en vloeren niet: die stralen oncomfortabele kou. Stralingswarmte is ook bij lagere temperatuur comfortabel, de zonnestraling laat ons gerieflijk op een terras in de sneeuw zitten.
Door de temperatuur van de gevels dicht bij het comfort te brengen wordt de koudestraling weggenomen. Zo kan de ruimtetemperatuur laag blijven, en wordt minder energie verloren. (Immers hoe kleiner het temperatuurverschil tussen binnen en buiten, hoe minder warmte verloren gaat, ongeacht de isolatiewaarde.)
Om de gevel op een comfortabele temperatuur te brengen is geen water van 70ºC nodig. Ergens tussen de 14° en 21°C is voldoende, afhankelijk van de constructie of opbouw van de gevel.
Dàt is gemakkelijk met een kleine warmtepomp of zelfs kleine zonneboiler op te wekken. Bijna gratis warmte vormt dan de scheiding tussen de barre buitenwereld en de comfortabele, gezonde woning.

Nul op de meter

Met WarmBouwen in de schil is de gevel niet meer koud. Er zijn geen koudestralende oppervlaktes meer, de transmissie door de gevel is gemarginaliseerd.

Nu de oppervlaktetemperatuur van de gevel rond de 20° ligt, is de warmtevraag nihil. Dan blijft het ventilatieverlies over. Met gebalanceerde ventilatie is dat fors te reduceren, maar ook zonder kan de warmte worden hergebruikt, met een kleine warmtepomp voor het warmtapwater. Dan kunnen al die kanalen achterwege blijven. Een ventilatieschacht is meestal al aanwezig in badkamer, keuken en toilet. Die is prima te gebruiken.
Nul op de meter is dan binnen handbereik: de verwarming staat veelal uit, er is slechts een geringe en incidentele warmtevraag. Die met effectieve middelen kan worden opgelost, met vloer- of wandverwarming (met diezelfde warmtepomp, of een HR-ketel).
De resterende energievraag, tussen de 2000 en 4000 kWh is met PV-panelen eenvoudig te dekken, of dat deze ook geplaatst kunnen worden is natuurlijk sterk afhankelijk van het gebouw, omgeving en situatie.

Toepassing

Warmbouwen is niet dé oplossing voor ALLE monumenten. Altijd zijn er specifieke eigenschappen, die telkens om een specifieke aanpak vragen. WarmBouwen is echter één van de mogelijk goede oplossingen. De Stichting WarmBouwen controleert het gebruik van WarmBouwen en staat gebruik alleen toe in veilige en duurzame toepassing.

WarmBouwen wordt onder meer toegepast in rijksmonumenten. Zo is de Duurzame tempel van een oncomfortabel energieslurpend kantoor omgebouwd naar een energiezuinig (label A) comfortabel gebouw. Met enkel glas en stalen raamkozijnen, met behoud van oorspronkelijke detaillering én zonder isolatie.

Warme Teams

Ontwerp en Uitvoering van WarmBouwen is op dit moment voorbehouden aan geselecteerde partijen die kennis en ervaring met WarmBouwen hebben opgedaan. Enkele van hen hebben zich verenigd in een samenwerkingsverband.
Altijd Lente
De uitvinders van WarmBouwen hebben zich met architecten, installatietechnici en bouwregiseurs verenigd in de lente. Zij kunnen u bijstaan met de transitie van uw bestaande vastgoed, monument of niet, tot een fossielarm of fossielvrij gebouw.
Dit Warme Team bestaat uit:
kbng architectuur stedebouw restauratie
Siem Goede Architect
EMD-monumentenzorg
Intecad
Neem gerust contact op via het contactformulier