Diederik Samsom ziet WarmBouwen als veelbelovend alternatief op het gebied van duurzaam bouwen.
« WarmAanbevolen: Leo BrouweroverzichtWarme energielabels »
Dagblad Trouw heeft Diederik Samsom op nummer 7 geplaatst op een lijst van meest invloedrijke mensen op het gebied van groen. Onlangs kondigde Samsom aan dat de politiek huiseigenaren in de toekomst wil gaan verplichten om hun woning duurzamer te maken. De Nationale Denktank van VROM, stelde in december 2009 voor om nationale hypotheekgarantie afhankelijk te maken van het energielabel van de woning. Stichting WarmBouwen erkent dat de toestand van ons klimaat om krachtige maatregelen vraagt, maar vreest dat er keuzes gemaakt worden die zeer ingrijpende gevolgen zullen hebben voor het binnenklimaat en de gezondheid van mensen. En het architectonisch karakter van, met name, oude wijken onherstelbare schade zullen toebrengen. Voldoende reden voor een gesprek.
Na een korte introductie van het begrip WarmBouwen bleek al snel dat Diederik Samsom het belang hiervan voor de bestaande woningvoorraad inziet. Maar tegelijkertijd ook problemen ziet die toepassing op grote schaal met zich mee kunnen brengen. De keus tussen isoleren en WarmBouwen zal volgens hem in elk specifiek geval gemaakt moeten worden. Het is een keus tussen een relatief lage investering voor isolatie waaraan een aantal nadelen kleven, of een meer duurzame oplossing die een grotere investering vergt, die zich pas op langere termijn laat terugverdienen. Diederik Samsom vindt dat hij daar op voorhand geen keus in hoeft te maken, en ziet ook combinaties als oplossing mogelijk. Hij onderkent dat WarmBouwen een meer duurzame oplossing kan zijn met name voor grote woningbouwcomplexen van corporaties. Toch verwacht Samsom dat ook daar snel de keus voor de makkelijke weg van het isoleren gemaakt zal worden. Oorzaken zijn volgens hem de behoudende instelling van de bouwwereld en regelgeving.
Volgens Phlip Boswinkel van stichting WarmBouwen zou je een investering in het verduurzamen van een bestaand gebouw moeten beschouwen als een autonoom nieuwbouwproject. Als je dan de totale eigendomskosten (Total Cost of Ownership) van het gebouw opnieuw berekent zie je dat een meerinvestering voor WarmBouwen zichzelf in de meeste gevallen terugverdient. Op het gebied van regelgeving wijst Boswinkel erop dat het Nederlandse bouwbesluit uitgaat van standaard normen, of gelijkwaardig. Hierdoor zijn ook andere opties mogelijk. Maar omdat het energielabel onder Europese regelgeving valt gaat hier dit 'of vergelijkbaar'principe niet op, en kan WarmBouwen benadeeld worden bij het toekennen van een energielabel. Diederik Samson zegt toe dat hij daar naar gaat kijken.
Een ander obstakel dat Boswinkel noemt bij een keuze voor WarmBouwen is de financiering van de relatief grote investering die WarmBouwen vergt. Zelfs groene banken als Triodos, en ASN hebben maar kleine fondsen voor dit soort investeringen. Samsom adviseert om banken aan te spreken op de mogelijkheid van 'groene goedkope leningen'. Een laag risico wordt gekoppeld aan een lage rente en de overheid staat garant voor de lening. Meer informatie is te vinden op www.milieucentraal.nl.
Worden de woningbouwcorporaties net als particuliere huizenbezitters verplicht om hun woningvoorraad duurzamer te maken? Volgens Samsom zijn daarover al redelijk bindende afspraken gemaakt met de Woonbond en Aedes. Investeringen worden betaald uit een verhoging van de huur. Doordat de stookkosten omlaag gaan is er overeengekomen dat de woonlasten niet mogen stijgen. Het energielabel van de woning is in de toekomst van invloed op de hoogte van de huur.
Diederik Samson ziet WarmBouwen als een veelbelovend alternatief op het gebied van duurzaam bouwen, en gaat de ontwikkelingen volgen.
« WarmAanbevolen: Leo BrouweroverzichtWarme energielabels »